Job van Stoffelen
zondag 21 februari 2010

Mozes door God geroepen

Goedemorgen, fijn dat jullie er weer allemaal zijn! Ga maar lekker zitten. Vorige week hebben jullie tijdens de nevendienst gehoord van Mozes, eerst was hij een Egyptische prins en later werd hij herder in Midjan. Wat een verschil hè, van prins tot herder!
 
Vandaag horen we dat Mozes onderweg is met de schapen van zijn schoonvader. Hij is in de buurt van de berg Horeb, en dan ziet hij opeens iets heel bijzonders. Een stukje verderop staat een braamstruik in brand, maar de struik verbrandt niet. Als hij dichterbij wil gaan kijken hoort hij de stem van God. God zegt: “Ik heb gezien hoe slecht mijn volk in Egypte wordt behandeld, daarom moet jij mijn volk weghalen uit Egypte en brengen naar het land Kanaän.” Maar Mozes sputtert tegen, ik ben maar een herder, wie ben ik om dat te doen? Misschien heb je dat zelf ook wel eens als iemand wat van je vraagt, of als je iets moet doen dat je moeilijk vindt. Maar dan zegt God: “Je hoeft niet alleen te gaan, Ik ben bij je.” Zo gebruikt God Mozes niet als herder voor de schapen, maar als leider van zijn volk.
 
Zo wil God ook jou en mij gebruiken voor zijn plan. Dat zit hem misschien niet in grote dingen, maar misschien vraagt God van jou om een vriend of vriendin te zijn voor diegene die gepest wordt in de klas? Zullen we de dominee vragen om met ons te bidden? Laten we dan ook vragen waar God ons wil gebruiken. Daarna zingen we ELB 188: ‘k Stel mijn vertrouwen. Dat zingen we twee keer.
 
’k Stel mijn vertrouwen
 
’k Stel mijn vertrouwen op de Heer mijn God.
Want in zijn hand ligt heel mijn levenslot.
Hem heb ik lief, zijn vrede woont om mij.
’k Zie naar Hem op en weet:
Hij is mij steeds nabij.

(KJK)

Plaats een reactie:

* - verplicht veld

*
*

Reacties:

Geen reacties